Portretrecht voor de stem: de Japanse leidraad en het Europese etiket
In 1912 kreeg Nederland een nieuwe Auteurswet, en daarin stond iets opmerkelijks: drie artikelen over het portret. De aanleiding was een machine. De camera was betaalbaar geworden, fotografen verkochten afbeeldingen van bekende personen zonder het te vragen, en de wetgever besloot dat het gezicht van een mens geen vrij wild was. Ruim een eeuw later dwingt opnieuw een machine tot dezelfde afweging. Ditmaal gaat het om software die uit een paar minuten audio een stem kloont die van echt niet te onderscheiden is, en het meest uitgewerkte antwoord tot nu toe komt uit Tokio.

Op 7 augustus 2026 publiceerde het Japanse ministerie van Justitie het definitieve rapport van zijn studiegroep over civielrechtelijke aansprakelijkheid voor ongeautoriseerd gebruik van portret en stem, met als ondertitel een interpretatieve leidraad voor publiciteitsrechtinbreuk door generatieve AI. De menselijke stem valt daarmee uitdrukkelijk onder de reikwijdte van de Japanse publiciteits- en portretrechten: wie zonder toestemming een herkenbare stem door AI laat namaken en daarmee geld verdient, kan naar Japans recht civielrechtelijk aansprakelijk zijn. Voor de Nederlandse jurist is dat een intrigerend bericht, want onze eigen Auteurswet beschermt het gezicht wel en de stem niet. Japan laat zien hoe je die vraag kunt beantwoorden zonder één nieuwe wet aan te nemen: met een interpretatieve leidraad, die de rechter overigens niet bindt.
Wat Japan heeft vastgelegd
Het rapport komt van een studiegroep van acht leden onder voorzitterschap van de Tokiose hoogleraar Yoshiyuki Tamura, die tussen april en juli 2026 vijf zittingen hield. The Japan Times beschreef eind juli al de kern van het conceptrapport: de stem valt binnen het bereik van de bestaande publiciteitsrechten, die in Japan volledig op rechtspraak rusten. Het anker is het Pink Lady-arrest van het Japanse Hooggerechtshof uit 2012 over de "klantaantrekkende kracht" van een beroemdheid; wie de achtergrond van die zaak wil, leest de Engelstalige analyse van Quentir over hoe een verloren fotorechtszaak van een popduo veertien jaar later de Japanse toetssteen voor stemklonen werd.
Het rapport verheldert wanneer ongeautoriseerd gebruik van een herkenbare stem inbreuk kan maken op deze rechten; toestemming is daarbij de veilige route, een algemene toestemmingsregel formuleert de leidraad niet. Of een AI-cover die zonder instemming op een videoplatform inkomsten genereert inbreuk maakt, beoordeelt de leidraad aan de hand van herkenbaarheid, de mate van stemgelijkenis en de context van het gebruik, met als kernvraag of de commerciële aantrekkingskracht van de stem wordt benut; een menselijke imitator die er open over is wie hij nadoet, zal die toets doorgaans doorstaan. Factoren als kennis van de inbreuk, de ernst en waarschijnlijkheid ervan en de getroffen maatregelen wegen vooral mee bij de vervolgvraag of ook een platform of modelaanbieder als medeplichtige aansprakelijk is. De familie van een overleden artiest krijgt een aanknopingspunt tegen postuum misbruik, al is de postume reikwijdte van deze rechten ook in Japan nog omstreden. Het ministerie van Economie (METI) publiceerde in april 2026 al een handboek over civielrechtelijke AI-aansprakelijkheid, geschreven met het oog op beeldgeneratiediensten; het MoJ-rapport trekt die aansprakelijkheidslijn door naar gegenereerde stemmen, zodat langs diezelfde medeplichtigheidsfactoren ook de aanbieder in beeld komt van een model dat als hoofddoel heeft de stem van een met naam genoemde persoon te reproduceren. Het rapport blijft interpretatieve, niet-bindende guidance: de Japanse rechter houdt het laatste woord. Een wereldprimeur is het evenmin, want China beschermt de stem al op nationaal niveau via artikel 1023 van zijn Burgerlijk Wetboek, dat de portretbepalingen van overeenkomstige toepassing verklaart op de stem. Het bijzondere aan de Japanse stap is de uitwerking: een samenhangende, op generatieve AI toegesneden lezing van bestaand recht.
Het Europese etiket
Europa koos in de AI Act een ander instrument. Sinds 2 augustus 2026 gelden de transparantieverplichtingen van artikel 50: aanbieders moeten synthetische audio machineleesbaar markeren, en wie met AI een deepfake van een bestaand persoon maakt, moet dat kenbaar maken. Voor aanbieders van generatieve systemen die vóór die datum al op de markt waren, geldt voor de markeringsplicht van artikel 50, tweede lid, een overgangstermijn tot 2 december 2026 op grond van de Digital Omnibus-verordening; de openbaarmakingsplicht voor wie deepfakes maakt staat daar los van. Welke meldingen dat concreet van uw toepassingen vraagt, hebben wij eerder uitgewerkt in onze artikel 50-scan voor bedrijven. Het etiket beantwoordt echter een andere vraag dan de Japanse richtsnoeren. Transparantie vertelt de luisteraar dát een stem synthetisch is; over de vraag of die stem er had mógen zijn, zegt artikel 50 niets. Die toestemmingsvraag laat de AI Act aan het nationale recht van de lidstaten over, en in de VS aan de staten, waar Tennessee met de ELVIS Act van 2024 de stem al expliciet in het publiciteitsrecht schreef, met postume werking en met aansprakelijkheid voor technologie die primair voor ongeautoriseerde reproductie is bedoeld.
Waar de Nederlandse stem staat
Nederland heeft geen stemartikel, wel een rijk portretrecht. Artikel 21 Auteurswet geeft de geportretteerde een verzetsrecht bij een redelijk belang, en de Hoge Raad erkende in het Cruijff-arrest van 2013 dat ook verzilverbare populariteit zo'n belang is: de commerciële waarde van bekendheid verdient bescherming. Alleen is een portret naar de letter een afbeelding, en een stem beeldt niets af. Wie vandaag in Nederland tegen een stemkloon opkomt, moet het dus doen met de onrechtmatige daad van artikel 6:162 BW, met analogieredeneringen op het portretrecht, en met de AVG. Een herkenbare stem is een persoonsgegeven, en stemopnames worden biometrische gegevens in de zin van artikel 9 AVG wanneer zij met specifieke technische middelen worden verwerkt om iemand uniek te identificeren. Voor het klonen van een stem is dan een verwerkingsgrondslag uit artikel 6 nodig en, bij zulke biometrische verwerking, bovendien een uitzondering uit artikel 9; uitdrukkelijke toestemming is in de praktijk de meest begaanbare route, al kent de verordening er meer. Een opgeschreven stemrecht levert dat samenstel niet op, en juist die onbepaaldheid maakt de uitkomst van een procedure onnodig onvoorspelbaar.
Drie gaten blijven over wanneer je het Nederlandse lappendeken naast de Japanse richtsnoeren legt. De AVG richt zich in de praktijk op wie de kloon inzet; of ook de aanbieder van het kloonmodel als verwerkingsverantwoordelijke of gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijke aansprakelijk is, hangt van diens feitelijke rol af en is nog nauwelijks uitgeprocedeerd. De AVG beschermt overledenen niet, waar Japan de nabestaanden een aanknopingspunt geeft. En de commerciële kant, de verzilverbare populariteit van een stem, moet hier per zaak bij de rechter worden bevochten. Het patroon kennen we van eerder werk op deze site: bij afgeleide neurodata zagen we dezelfde structuur, lichaamseigen informatie die commercieel waardevol wordt voordat het recht er een naam voor heeft.
Wanneer aansprakelijkheid naar de bouwer schuift
De METI-lijn past in een bredere beweging die deze zomer zichtbaar werd: juridische blootstelling voor AI-schade kan omhoog schuiven in de keten, van de individuele gebruiker naar wie het systeem bouwt en levert, al blijft dat telkens een voorwaardelijke, factorafhankelijke beoordeling. Advocaten wereldwijd inventariseren al wie aansprakelijk is wanneer autonome AI-systemen zelfstandig schade aanrichten. Voor Nederlandse bedrijven die voice-AI inkopen betekent dit dat het leverancierscontract de plek is waar deze verschuiving landt: vrijwaringen, garanties over trainingsdata en toestemmingsketens verdelen daar een risico dat regelgevers aan beide kanten van de wereld zojuist reëel hebben verklaard.
De menselijke inzet is intussen concreet. Stemacteurs zien hun broodwinning verdampen in AI-covers; de Japanse actrice Megumi Ogata, de stem van Shinji Ikari in Evangelion, noemde de TikTok-klonen van haar stem iets waar zij niet meer van kan wegkijken. Ouderen worden gebeld door de gekloonde stem van een kleinkind in nood. En anders dan een gelekt wachtwoord laat een gekloonde stem zich niet terugroepen: wie het bestand heeft, houdt de stem. Het vertrouwen dat een telefoongesprek of een audiofragment nog bewijst wie er sprak, is een publiek goed dat met elke ongereguleerde kloon een stukje afkalft.
Vijf vragen voor wie stemmen gebruikt
Voor mediabedrijven, marketingteams en inkopers van voice-AI is de toets tot die tijd goed zelf te doen. Vijf vragen volstaan als eerste zeef.
- Is de stem herkenbaar of herleidbaar tot een bestaand persoon, ook zonder dat een naam wordt genoemd?
- Ligt er gedocumenteerde toestemming voor stemklonen die dit gebruik dekt, met afspraken over reikwijdte, duur en intrekking?
- Voldoet de uiting aan de markerings- en deepfakeverplichtingen van AI Act artikel 50?
- Regelt het contract met de voice-AI-leverancier de herkomst van trainingsdata, een vrijwaring voor rechten van derden en de verdeling van aansprakelijkheid?
- Is er beleid voor stemmen van overleden personen en de positie van erfgenamen?
Wie bij de vierde vraag aarzelt, staat niet alleen: juist de leveranciersclausules blijken in de praktijk het zwakke punt. Onze contractscan legt AI-, licentie- en vrijwaringsclausules in zulke contracten binnen een vaste scope langs de meetlat, inclusief een tegenvoorstel per knelpunt.
De stem als portret
De wetgever van 1912 wachtte niet tot de fotografie was uitontwikkeld; hij gaf het gezicht bescherming toen de machine die het kon vermenigvuldigen gemeengoed werd. Japan geeft de stem nu een vergelijkbare plaats, met rechtspraak die er al lag en een ministerie dat bereid was de consequentie op te schrijven, zij het als leidraad en niet als wet. Nederland heeft zijn eigen bouwstenen klaarliggen, van artikel 21 Auteurswet tot het Cruijff-arrest en artikel 9 AVG. De eerste Nederlandse stemkloonzaak gaat die stenen op elkaar zetten, en de rechter die haar behandelt kan in Tokio nalezen hoe het bouwwerk eruitziet wanneer iemand de moeite neemt het af te maken. Zo krijgt het portretrecht voor de stem zijn Europese vorm: per lidstaat, bouwsteen voor bouwsteen, met de Japanse werktekening ernaast. Bronnen geraadpleegd op 9 augustus 2026.