Innovation, Quantum-AI Technology & Law

Blog over Kunstmatige Intelligentie, Quantum, Deep Learning, Blockchain en Big Data Law

Blog over juridische, sociale, ethische en policy aspecten van Kunstmatige Intelligentie, Quantum Computing, Sensing & Communication, Augmented Reality en Robotica, Big Data Wetgeving en Machine Learning Regelgeving. Kennisartikelen inzake de EU AI Act, de Data Governance Act, cloud computing, algoritmes, privacy, virtual reality, blockchain, robotlaw, smart contracts, informatierecht, ICT contracten, online platforms, apps en tools. Europese regels, auteursrecht, chipsrecht, databankrechten en juridische diensten AI recht.

FIPS 140-2 wordt na 21 september 2026 historisch: gevolgen voor inkoopeisen, de zorgplicht uit de Cyberbeveiligingswet en de PQC-routekaart bij Aanbeveling (EU) 2024/1101

In kaden en gevels door heel Nederland zitten bronzen peilmerken ingemetseld: een blanco bronzen bout die uit de steen steekt en eindigt in een gladde halfronde kop, waaraan hoogtes worden opgehangen. Het merk meet zelf niets. Het is een afspraak die op één plek is vastgelegd, en een dijkhoogte, een vloerpeil of een bestek verwijst ernaar zonder die afspraak ooit na te rekenen. Wordt zo'n merk herzien of ingetrokken, dan blijft het water op dezelfde hoogte staan en moet alles wat aan het merk hing opnieuw worden nagelopen.

Macro-opname van een verweerde, blanco bronzen peilbout die uit een natte kademuur steekt, met een gele verfstreep linksonder en grijsgroen havenwater onscherp op de achtergrond.

Iets vergelijkbaars gebeurt eind september 2026 met een referentiepunt dat in vrijwel elke Nederlandse beveiligingsbijlage staat. Amerikaanse en Canadese federale instanties mogen onder FIPS 140-2 gevalideerde modules tot en met 21 september 2026 voor nieuwe systemen accepteren; daarna verhuizen de resterende validaties naar de historische lijst van het Cryptographic Module Validation Program en kunnen ze daar alleen nog voor bestaande systemen worden gebruikt. Vanaf 22 september 2026 draagt geen enkele FIPS 140-2-validatie nog een actieve CMVP-status. De apparatuur blijft draaien en de sleutels worden er niet zwakker van. Wat verandert, is de status van het label waarnaar inkoopeisen, hostingcontracten en assurancerapporten al vijftien jaar verwijzen. Dat het aanleggen van zo'n verwijzinglijst iets anders is dan het naleven van een norm, beschreven wij eerder aan de hand van de inventarisatieplicht.


Wat er na 21 september 2026 in de CMVP-lijst verandert, en wat er niet verandert

Het CMVP is het gezamenlijke validatieprogramma van NIST en het Canadese Centre for Cyber Security. Het toetst cryptografische modules — HSM's, smartcards, cryptobibliotheken, versleutelde opslag — aan een vaste eisenset en publiceert per module een certificaat met een nummer. FIPS 140-3, dat de toetsing baseert op ISO/IEC 19790 en ISO/IEC 24759, is inmiddels de geldende validatiestandaard; nieuwe certificaten onder FIPS 140-2 worden al enige tijd niet meer afgegeven. Wat op 21 september 2026 afloopt, is de laatste stap: het CMVP laat aanvaarding voor nieuwe systemen toe tot en met die dag, waarna de resterende 140-2-validaties hun actieve status verliezen en naar de historische lijst verhuizen, op elk beveiligingsniveau.

Praktisch betekent die verhuizing dat de validatie niet langer wordt onderhouden. Het certificaat verdwijnt niet; het verliest zijn actieve status. Federale afnemers in de Verenigde Staten en Canada mogen bestaande installaties blijven gebruiken, maar kunnen zo'n module bij een nieuwe aanschaf niet meer als actief gevalideerd opvoeren. Voor een Nederlandse organisatie heeft de handeling van NIST geen enkel rechtsgevolg: het CMVP is een Amerikaans bestuurlijk programma en geen Europese norm. Juist daarom is de vraag lastig. Het label heeft hier gezag zonder juridische grondslag, en aan dat gezag komt eind deze maand een einde.


Waarom Nederlandse inkoop- en beveiligingsbijlagen hun ankerpunt kwijtraken

De zin "de module is FIPS 140-2 Level 3 gevalideerd" komt voor in hostingcontracten, in leveranciersbijlagen van banken en verzekeraars, in specificaties voor sleutelbeheer en in de documentatie rond overheidsdiensten. Vanaf 22 september 2026 laat die zin zich op drie manieren lezen, met drie verschillende uitkomsten. Als een doorlopende eis dat de module een geldig certificaat draagt, levert het verlies van de actieve CMVP-status een tekortkoming op zonder dat er iets aan het product mankeert; of daarop ook verzuim volgt, hangt af van de contracttekst, een ingebrekestelling, een fatale termijn of een van de gevallen van artikel 6:83 BW. Als een momentopname bij contractsluiting is de bepaling formeel intact en materieel leeg. Als een gelijkwaardigheidsnorm verschuift de vraag naar wat gelijkwaardig heet, en daar geeft het contract meestal geen antwoord op.

Voor aanbestedende diensten komt er een tweede laag bij. Artikel 2.76 Aanbestedingswet 2012 regelt hoe technische specificaties mogen worden geformuleerd, artikel 2.77 geeft een inschrijver het recht aan te tonen dat zijn oplossing op gelijkwaardige wijze aan de technische specificatie voldoet, en artikel 2.78b, tweede lid, verplicht tot aanvaarding van certificaten en testverslagen van gelijkwaardige conformiteitsbeoordelingsinstanties. Het derde lid opent daarnaast een route voor ander bewijs van de leverancier, maar alleen onder de daar gestelde voorwaarden; die routes zijn dus niet zonder meer uitwisselbaar. Een buitenlandse certificeringsroute is daarmee niet zonder meer ontoelaatbaar. Het probleem ontstaat pas wanneer het bestek uitsluitend dat ene label aanvaardt en gelijkwaardig bewijs afsnijdt. Let daarbij op de precieze formulering: NIST trekt certificaten niet in, maar verplaatst ze, zodat een eis die alleen zegt "FIPS 140-2 gevalideerd" letterlijk vervulbaar blijft. Onvervulbaar wordt de eis pas wanneer zij een actuele, actieve CMVP-status verlangt of geschiktheid voor nieuwe federale systemen, want dat kan na 21 september 2026 geen enkele inschrijver meer leveren. Europa heeft intussen een eigen anker: het EUCC-schema, vastgesteld in Uitvoeringsverordening (EU) 2024/482 onder de Cybersecurityverordening (EU) 2019/881 en van toepassing sinds 27 februari 2025. Het is gebouwd op Common Criteria en niet op de FIPS-systematiek, dus het is geen vertaling van het oude certificaat. Het is wel een certificeringsroute die in Europees recht is verankerd en die in een bestek kan worden aangewezen.

De verstandige contractuele beweging is daarom niet het vervangen van één nummer door een ander nummer. Beschrijf de functie — welke sleutellengtes, welke algoritmen, welk sleutelbeheer, welke fysieke bescherming — en beschrijf daarnaast de bewijsroute die de leverancier moet volgen. FIPS 140-3, een EUCC-certificaat en een leveranciersverklaring met testrapport zijn drie verschillende bewijsroutes met drie verschillende gewichten. Het contract hoort te zeggen welke het accepteert.


De zorgplicht bindt nu al, ook zonder Europese PQC-datum

De Cyberbeveiligingswet is op 15 augustus 2026 in werking getreden en het Cyberbeveiligingsbesluit werkt de beveiligingsmaatregelen uit, met het cryptografiebeleid in artikel 13, naast het assetbeheer van artikel 16. Artikel 4 van het besluit zondert daarbij de entiteitstypen uit waarop Uitvoeringsverordening (EU) 2024/2690 rechtstreeks van toepassing is; die volgen dat regime. De Europese grondslag daarvoor, artikel 21 lid 2 onder h van de NIS2-richtlijn, vraagt om beleid en procedures inzake het gebruik van cryptografie en, in voorkomend geval, versleuteling. Die verplichting richt zich op beleid en procedures, zonder een algoritme aan te wijzen. Voor essentiële en belangrijke entiteiten binnen het toepassingsbereik van de wet geldt daarom: wie geen cryptografiebeleid heeft, voldoet niet; wie beleid heeft dat naar een niet langer actieve validatie verwijst, heeft iets uit te leggen.

Artikel 32 lid 1 AVG staat er los van en vraagt om passende technische en organisatorische maatregelen, uitdrukkelijk rekening houdend met de stand van de techniek, met versleuteling als genoemd voorbeeld onder a. Die maatstaf beweegt mee met de techniek zelf. Twee toezichthouders kijken dus naar dezelfde infrastructuur langs twee open normen, terwijl het enige concrete houvast dat de markt gebruikte zijn geldigheid verliest. Hoe de twee meldregimes sinds 15 augustus naast elkaar lopen, staat in de bespreking van de termijnen van 24 en 72 uur.


Wat de G7-oproep van 3 september 2026 en de stukken van DG CNECT van 2 september wel zijn

De afgelopen week leverde drie Europese signalen op, geen van alle bindend. Op 2 september publiceerde DG CNECT de uitkomsten van de enquête van de NIS-samenwerkingsgroep over de gecoördineerde routekaart voor de overgang naar post-quantumcryptografie, met 97 inzendingen, samen met een FAQ over risicoschatting, prioritering, mijlpalen, hybride schema's en nationale routekaarten. Toelichtende stukken; zij wijzigen Aanbeveling (EU) 2024/1101 van 11 april 2024 niet.

Op 3 september verscheen Preparing for the Post-Quantum Era: A Call to Action van de G7 Cybersecurity Working Group, opgesteld door het Franse ANSSI onder het Franse G7-voorzitterschap, met deelname van de Europese Commissie en ENISA als technisch waarnemer. De tekst noemt vijf prioriteiten; de vijfde is het opnemen van post-quantumcryptografie in cyberbeveiligingseisen en in overheidsinkoop. Dat is precies de plek waar het verlopen FIPS-label zat. Voor de aangekondigde Quantum Act bestaat op dit moment geen gepubliceerde ontwerptekst, zodat er ook niets is om een bestek of een contract aan op te hangen.

Uit die week komt dus geen Europese datum. De bindende teksten blijven NIS2, de AVG en het contract dat u zelf tekent.


Het cijfer van IonQ van 8 september 2026 naast de mijlpalen 2030 en 2035

Op 8 september 2026 publiceerde IonQ een volledige resource-schatting voor het breken van 256-bits handtekeningen op elliptische krommen: 25,7 dagen met 19.397 fysieke en 1.457 logische qubits, gemodelleerd op werkelijke beperkingen van een ionenval, inclusief transportvertraging, met een gecompileerd schema van 674 stappen. Google Quantum AI kwam eerder op ongeveer 1.200 logische qubits voor dezelfde curve. Die twee getallen liggen dicht bij elkaar, maar het zijn geen metingen van hetzelfde ding: de studies gaan uit van verschillende hardware-architecturen, verschillende foutcorrectie en verschillende aannames over de aanvalsduur, en geen van beide toont een bestaande machine. Wat de nabijheid wel doet, is de orde van grootte van het benodigde aantal logische qubits stabiel maken bij twee groepen die onafhankelijk van elkaar rekenden.

Bij het bedrijfstempo hoort wel een kanttekening. IonQ verkoopt post-quantumdiensten, quantumsleuteldistributie en atoomklokken, en de uitspraak van bestuursvoorzitter Niccolò de Masi dat Q-Day van de jaren dertig naar de jaren twintig is verschoven, komt van een partij met een direct belang bij haast. Het rekenwerk verdient serieuze behandeling; de urgentieclaim eromheen is een standpunt, geen bevinding.

Die schattingen gaan over handtekeningen op elliptische krommen, dus over authenticatie: de vraag of een ondertekening of een certificaat later kan worden vervalst. Vertrouwelijkheid is een aparte dreiging met een ander tijdpad. Daar gaat het om sleuteluitwisseling, en om verkeer dat vandaag wordt opgeslagen en pas na een doorbraak wordt ontsleuteld. De routekaart van de NIS-samenwerkingsgroep bestrijkt beide. Die routekaart is een zelfstandig document van de samenwerkingsgroep, opgesteld naar aanleiding van Aanbeveling (EU) 2024/1101 en niet de routekaart van die aanbeveling zelf. De eerste mijlpaal ligt eind 2026: nationale routekaarten, inventarisatie en eerste pilots. Daarna volgen eind 2030 voor toepassingen met een hoog risico en 2035 voor systemen met een middelhoog of lager risico. Het zijn mijlpalen uit coördinatiedocumenten, geen fatale termijnen. Voor de vertrouwelijkheidskant zit het probleem in de rekensom die eronder ligt. Een medisch dossier moet op grond van artikel 7:454 lid 3 BW twintig jaar worden bewaard, een notariële akte nog veel langer, en verkeer dat vandaag klassiek versleuteld wordt kan vandaag worden opgeslagen om later te worden ontsleuteld. De vertrouwelijkheidshorizon van die gegevens loopt daarmee voorbij elke mijlpaal in de routekaart. Waarom die aanvalsvorm zich juist slecht laat waarnemen, beschreven wij eerder.

Dat is de humane kant van dit dossier. Een patiënt, een cliënt van een notaris of een partij in een dossier dat over dertig jaar nog vertrouwelijk hoort te zijn, kan die vertrouwelijkheid niet zelf heronderhandelen. De keuze valt in een leveranciersbijlage die zij nooit onder ogen krijgen, bij een inkoper die verwees naar een lijst in Gaithersburg.


Zes vragen voor de eerstvolgende contractronde

Een bruikbare check is korter dan een migratieplan en gaat vooraf aan de techniek.

  1. Waar staat in uw lopende contracten "FIPS 140-2", en welke van de drie lezingen — doorlopende eis, momentopname of gelijkwaardigheidsnorm — volgt uit de tekst zelf?
  2. Welke bewijsroute komt ervoor in de plaats, en accepteert u FIPS 140-3, een EUCC-certificaat en een leveranciersverklaring met testrapport met gelijk gewicht?
  3. Welke verbindingen wisselen sleutels met partijen buiten uw beheer, en welke daarvan dragen gegevens met een vertrouwelijkheidshorizon van meer dan tien jaar?
  4. Geeft het contract u het recht om algoritmen en sleutellengtes tijdens de looptijd te laten wijzigen zonder meerprijs, en binnen welke termijn?
  5. Wie draagt de kosten en het uitvalrisico van een overgang naar ML-KEM (FIPS 203) en ML-DSA (FIPS 204) bij een leverancier die nu nog op klassieke schema's draait?
  6. Welk document laat u aan een toezichthouder zien als bewijs dat u de stand van de techniek hebt gewogen, met datum en met de afweging erin?

De zesde vraag is in de praktijk de zwaarste. Toezichthouders vragen zelden welk algoritme u koos; zij vragen wanneer u de keuze maakte en waarop u die baseerde.

Wilt u weten in welke van uw eigen afspraken die verouderde verwijzing nog staat, dan leest onze contractscan uw leveranciers- en hostingcontracten door op certificeringsclausules, het recht op algoritmewijziging en de verdeling van migratiekosten. Wij denken graag met u mee over welke bewijsroute in uw sector houdbaar is.